Geplaatst door: 
Verhaal

Duitse radar bij Goor tijdens de tweede wereldoorlog.

Herinneringen aan de tweede wereldoorlog van Engelbert Spoor.
Deel II - Duitse radar bij Goor tijdens de tweede wereldoorlog.

Aan Stichting Historisch Goor.

Naar aanleiding van jullie verzoek o.a. in het dagblad Tubantia j.l. en als aanvulling op "Mijn herinneringen aan de 2e wereldoorlog 1940-1945" van maart 2005 hierbij een bijdrage over het z.g. "Luna park” in Goor.

In de weilanden aan de rondweg in Goor verschenen tijdens de 2e wereldoorlog ca. 1942 o.a. enkele door de Duitsers aangelegde grote, zeer goed zichtbare radar-antennes met de daarbij in de nabije omgeving goed gecamoufleerde, zoals na enige tijd bleek, gebouwen, schuilkelders, zoeklichten en afweergeschut.

De voor de bediening, de bewaking en het onderhoud  benodigde militairen waren onder gebracht in barakken en de z.g. "Blitzmädels" ( vrouwelijke militairen) in kasteel Weldam. Het hele gebied inclusief de rondweg en het kasteel Weldam werd meteen tot z.g. `Sperrgebiet` verklaard. Er mocht dus niemand komen behalve de Duitse militairen.

Het geheel werd door de Goorse bevolking het “Luna park” genoemd, omdat de antennes als draaimolens ronddraaiden en de zoeklichten voor de lichteffecten zorgden.
De bedoeling van het radarsysteem was, om samen met over heel Europa verspreide soort-gelijke systemen vijandelijke vliegtuigen te detecteren.
In het kort werkte het systeem als volgt; De Blitzmädels bedienden de radar-volgschermen. Zij moesten door een, voor die tijd tamelijk moeilijk systeem, overvliegende geallieerde vliegtuigen, met name bommenwerpers, opsporen.
Deze gegevens werden doorgegeven aan vliegveld Twente waar de aldaar gestationneerde Duitse jachtvliegtuigpiloten opstegen om de vijandelijke vliegtuigen aan te vallen.

Door deze communicatie zijn er huwelijken gesloten tussen die Duitse piloten en de Blitzmädels. Het merendeel van de piloten heeft het evenwel niet overleefd.
Voor een uitgebreide technische toelichting; zie de website van Jan Poortman : www.pa3esy.nl

Of het nu kwam omdat een groot deel van de militairen i.v.m. de zeer specialistische apparatuur hoger opgeleid was of omdat ze vaak langere tijd verbleven, er ontstonden verschillende contacten met de Goorse bevolking.
Zo werd cafe Bloemen, onderaan de Weldammer brug, regelmatig bezocht en in hotel-restaurant Branderhorst dineerden vaak de Blitzmädels met hun Duitse aanhang.

Ook bezochten enkele Goorsen weleens het kamp, waar iemand de naam “De Waterfietse” aan overhield door kennelijk bij terugkeer met de fiets in het water van het Twente kanaal te belanden.
Door deze contacten bereikten, zoals later bleek, ook steeds meer vertrouwelijke mededelingen  de Goorse burgerij , zoals op komst zijnde razzia's e.d. Ook kwamen, verplicht ingeleverde radio’s, op wonderbaarlijke wijze via een radiohandelaar in onderdelen weer tevoorschijn om weer gebruikt te worden voor radio-ontvangers om de “Engelse zender” te kunnen beluisteren.
Geheel andere ervaringen deden twee andere Goorse schonen op.
Toen de bevrijding van Goor naderde werd het kamp gedeeltelijk ontruimd. Op het laatste moment vertrokken de Duitse bewoners. Enkele vluchtten. Eén werd op de vlucht gevangen genomen en naar Duitsland overgebracht, ter dood veroordeeld, maar op tijd door de geallieerden bevrijd voordat het doodvonnis kon worden voltrokken. 
Door zijn nagereisde geliefde werd hij teruggebracht naar Goor. Het bleek de persoon te zijn die de nodige informatie doorgaf. Hij kreeg al zeer snel het Nederlanderschap en trouwde met zijn geliefde. Zij leefden nog jaren een respectabel leven in de Goorse gemeenschap.
Bij het tot stand komen van het park in 1942 werd het project begeleid door een bij Telefunken in dienst zijnde Duitse ingenieur. Hij leerde eveneens een Goorse vrouw kennen. Deze laatse vertrok tijdens de oorlog naar Duitsland en trouwde aldaar met hem.
Na de oorlog bleven de contacten tussen de "Telefunken familie" en de Goorse familie bestaan. Zo bleek achteraf dat deze ingenieur bij de ontwikkeling van het radar-systeem betrokken was geweest, maar ook bij tijdens de oorlog ontwikkelde modernere systemen. Samen met anderen is hij behulpzaam geweest dat deze kennis met proefapparatuur met een daarvoor uitgerust Heinkel-vliegtuig tijdens de oorlog naar Zweden is gevlogen en zo in geallieerde handen is gekomen.
Geheel anders verging het een Duits Blitzmädel. Bij de naderende geallieerde troepen en voordat de Blitzmädels met een bus zouden vertrekken, vluchtte zij en werd daarbij neergeschoten. Met een kogel door het voorhoofd werd het vonnis voltrokken. Iemand die de Duitse krijgsmacht ontvlucht een z.g. Fahnenflucht wordt gedood, van alle kenmerken op het uniform ontdaan en als vermist opgegeven.
De nog over gebleven Duitsers van het kamp brachten haar op een handkar van het kasteel Weldam, nog voordat de Weldammer brug werd opgeblazen, naar de openbare begraafplaats van Goor. Daar werd ze neergelegd om enige dagen daarna door de destijds zogenoemde doodgraver Keuzink en o.a de heer Leetink te worden begraven. Het frappante is dat na  opgravingen door de Ned. militaire oorlogsgravendienst de overblijfselen in het niets zijn verdwenen...

Het is dan ook triest om jaren na de oorlog nog te moeten constateren dat alle pogingen om de afloop van dit verhaal in goede banen te leiden, voorzover is na tegaan geblokkeerd worden door een brief op het gemeentehuis van de Hof van Twente waar vermoedelijk door de Nederlandse militaire oorlogsgraven dienst een verbod is gelegd. Dat terwijl de Nederlandse wet voorschrijft dat het Begrafenis Register openbaar is. Kennelijk is hier bewust of onbewust iets fout gegaan. Op de vraag waar de stoffelijke overschotten van het Duitse Blitzmädel,  destijds begraven en geregistreerd op grafnummer H 123, zijn gebleven kan of wil de gemeente Hof van Twente geen antwoord geven.

In ieder geval, mochten ooit nog eens nabestaanden van de Duitse vrouw behoefte hebben
om te weten wat er in het verleden gebeurd is, moge dan dit epistel enige klaarheid
verschaffen.

Het ziet er naar uit, met de voorgenomen ruiming van graven waar geen rechten aan
ontleend kunnen worden, dat de overblijfselen in een massagraf zullen verdwijnen. Het zou niet meer dan menselijk zijn als tevens bij de vermelding van de namen van de personen van het massa graf vermeld wordt: "Hier rust een vermist Duits “Blitzmädel".

 

Goor, maart 2015.                                                 E.A.Spoor.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Reacties